Naar hoofdinhoud

Paragraaf 1

Artikel 1.1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Havenreglement gevaarlijke stoffen 2007

a. Havenverordening: Havenverordening Rotterdam 2004; b. IMO: Internationale Maritieme Organisatie; c. IMDG-code: International Maritime Dangerous Goods Code van de IMO; d. Bulk Chemical Code: International Code for the Construction and Equipment of Ships Carrying Dangerous Chemicals in Bulk van IMO, of Code for the Construction and Equipment of Ships Carrying Dangerous Chemicals in Bulk; e. Gas Carrier Code: International Code for the Construction and Equipment of Ships Carrying Liquefied Gases in Bulk van IMO, of Code for the Construction and Equipment of Ships Carrying Liquefied Gases in Bulk; f. MARPOL: International Convention for the Prevention of Marine Pollution from Ships; g. [vervallen]; h. roken: het roken dan wel het bij zich hebben van een brandende sigaar of sigaret of een pijp met brandende inhoud; i. open vuur: vuur, vonkvorming, open licht en elk oppervlak binnen een afstand van 25 meter van een gevaarlijke stof, dat een temperatuur heeft die gelijk is aan of hoger dan de minimum-ontstekingstemperatuur van die stof; j. overslag: het laden of lossen van lading in of uit een schip; k. behandeling van een gevaarlijke of schadelijke stof: laden, lossen, intern verpompen of verplaatsen, mengen, blenden en schoonmaken van een gevaarlijke of schadelijke stof; l. ADNR: Reglement voor vervoer van gevaarlijke stoffen over de Rijn; m. RTGZ: Reglement transport gevaarlijke stoffen met zeeschepen; n. RCLZ: Regeling communicatie en loodsaanvragen zeevaart; o. zeetankschip: een zeeschip dat tevens tankschip is; p. binnentankschip: een binnenschip dat tevens tankschip is; q. brandstofolie: elke olie die wordt gebruikt als brandstof voor de voortstuwings- en hulpwerktuigen van schepen; r. smeerolie: elke vloeistof bestemd voor smering van scheepsmachines; s. bunkerschip: binnentankschip gebruikt voor bevoorraden van schepen met brandstofolie en smeerolie; t. bunkeren: overslag van brandstofolie en smeerolie van een bunkerschip naar een zeeschip; u. woonconcentratie: een groep van zich bij elkaar op het land bevindende woningen; v. sloptank: speciaal voor het houden van al dan niet met water vermengde ladingrestanten van schadelijke, brandbare of andere gevaarlijke vloeistoffen (slops) bestemde tank aan boord van een schip; w. inerte atmosfeer: een zodanige atmosfeer dat bij vermenging met lucht geen explosief mengsel kan ontstaan; x. gasvrije atmosfeer: een atmosfeer waarvan de concentratie van brandbare gassen minder is dan twintig procent van de onderste explosiegrens; y. positieve druk: een zodanige druk in een ruimte dat de druk van de buitenlucht met ten minste 0,01 bar wordt overschreden; z. inert gas: een stabiel niet reactief gas waarvan het zuurstofpercentage ten hoogste 5 procent bedraagt; aa. inrichting: een inrichting als bedoeld in de Wet milieubeheer; bb. schoonmaakschip: een schip dat ingericht is om ruimten, tanks of andere plaatsen aan boord van een ander schip, die schadelijke of gevaarlijke stoffen bevatten, schoon te maken; cc. afvalstoffen: scheepsafval, ladingresiduen en alle vloeibare en vaste afvalstoffen die ontstaan bij het schoonmaken van een schip; dd. droogmaken: openstaande ladingtanks laten drogen nadat deze met water zijn gewassen; ee. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeenteRotterdam.

Rechtspraak bij dit artikel