Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Voorwaarden voor subsidieverlening

Onderdeel van Nadere regels subsidie onderhoud van gemeentelijke kerkelijke monumenten

1.. De subsidie wordt slechts verleend onder de voorwaarden dat: binnen dertien weken na de datum van subsidieverlening met het treffen van de onderhoudswerkzaamheden een aanvang wordt gemaakt; de start van de onderhoudswerkzaamheden schriftelijk wordt gemeld; de onderhoudswerkzaamheden gereed zijn in het jaar van de subsidieverlening; aan de door het college met controle belaste personen op de door die personen te bepalen tijdstippen: toegang wordt verleend tot de gebouwde onroerende zaak; inzage wordt verleend van de op het treffen van de onderhoudswerkzaamheden betrekking hebbende bescheiden en tekeningen; de op het treffen van de onderhoudswerkzaamheden betrekking hebbende gegevens worden verstrekt; gelegenheid wordt gegeven tot het controleren van de op het treffen van de onderhoudswerkzaamheden betrekking hebbende gegevens. 2.. Het college kan de in het eerste lid, onder a, genoemde termijn eenmaal met dertien weken verlengen. 3.. De subsidie wordt voorts verleend onder de voorwaarde dat de eigenaar schriftelijk ten genoegen van het college verklaart dat het gemeentelijk kerkelijk monument na het uitvoeren van de onderhoudswerkzaamheden behoorlijk zal worden onderhouden.

Rechtspraak bij dit artikel