Naast hetgeen voortvloeit uit de nota begrotingsbeheer (artikel 5,
lid 2) informeert het college de raad door middel van de
tijdvakrapportage over de tussentijdse stand van zaken omtrent de
realisatie van de begroting van het lopende boekjaar.
De uitkomsten van de tijdvakrapportages worden aan de raad
aangeboden tijdig voor de behandeling van de begroting van het
komend begrotingsjaar.
De inrichting van de tijdvakrapportages sluit aan bij de
programma-indeling van de begroting.
De rapportage gaat in op afwijkingen wat betreft de baten en de
lasten, de prestaties en, indien daar aanleiding voor is, de
maatschappelijke effecten. De rapportage heeft betrekking op de
onderdelen zoals genoemd in het tweede lid van artikel vier.
De raad wordt met ingang van 1 januari 2009 gedurende het jaar
tussentijds geïnformeerd door middel van een tweetal
tijdvakrapportages over de voortgang van het lopende begrotingsjaar.
De eerste tijdvakrapportage betreft een periode van de eerste vier
maanden en de tweede tijdvakrapportage betreft een periode van de
eerste 8 maanden van een jaar.
Titel 2 Financiele beleid en beheer
Artikel 6