Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 2.6

Passendheid van de woonruimte

Onderdeel van Huisvestingsverordening aangewezen gebieden Rotterdam

1.. De grootte van de woonruimte moet passen bij de omvang van het huishouden. Om te bepalen of dit bij de aanvrager het geval is, wordt de volgende tabel toegepast: Aantal kamers Aantal leden van het huishouden 1 1 tot en met 2 2 1 tot en met 3 3 1 tot en met 4 4 2 tot en met 5 5 of meer Ten minste gelijk aan aantal kamers en ten hoogste twee meer dan aantal kamers 2.. Bij de toepassing van de tabel worden de volgende uitvoeringsregels gehanteerd: bij éénouderhuishoudens telt het hoofd van het huishouden voor twee personen; wanneer er sprake is van een zwangerschap van ten minste drie maanden, telt betrokkene voor twee personen. In dat geval dient het origineel van een door een arts of verloskundige opgestelde zwangerschapsverklaring te worden overgelegd; het aantal kamers dat de woning telt op het moment van ter beschikking komen is bepalend.

Rechtspraak bij dit artikel