In deze verordening wordt verstaan onder:
a.
de minister:
de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu;
b.
de rijksregeling:
de in het besluit van heden onder I a. en I b. genoemde regelingen van de minister alsmede de op basis daarvan door de minister uitgevaardigde en uit te vaardigen circulaires;
c.
de bijdrage:
de in het besluit van heden onder I genoemde bijdragen op voet van de rijksregeling;
d.
de directeur Stedebouw en Volkshuisvesting:
de directeur van de dienst Stedebouw en Volkshuisvesting;
e.
de directeur Gemeentelijk Woningbedrijf:
de directeur van het Gemeentelijk Woningbedrijf Rotterdam.