1. Onverminderd hetgeen daarover bij of krachtens Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek is bepaald, verrichten de ambtenaren en buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand hun werkzaamheden in het gemeentehuis.
2. Voor de toepassing van dit reglement worden als gemeentehuis aangemerkt alle huizen der gemeente die door het college van burgemeester en wethouders als zodanig zijn aangewezen.