1.Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast,met betrekking tot zakelijke monumenten en terreinen als bedoeld in artikel 1, onder a, sub 1 en sub 2, de daartoe door burgemeester en wethouders opgedragen opsporingsambtenaren.
Voorts zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening belast
de in artikel 141 van het Wetboek van Strafrecht genoemde opsporingsambtenaren.
Zo dikwijls de zorg voor de naleving van deze verordening dit vereist, wordt hierbij de machtiging
verstrekt om al dan niet besloten ruimten en plaatsen, met uitzondering van woningen, desnoods tegen de wil van de rechthebbende of bewoner of gebruiker, te betreden, aan hen die door het bevoegd gezag belast zijn met het toezicht op de naleving van deze verordening.