1. Burgemeester en wethouders stellen een Monumentencommissie in met als
taak op verzoek of uit eigen beweging het college van burgemeester en
wethouders te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de
uitvoering van deze verordening en over andere zaken betreffende de
monumentenzorg.
2. Het college van burgemeester en wethouders benoemt de leden van de
Monumentencommissie voor een periode van vier jaar. Aftredende leden
zijn opnieuw benoembaar voor ten hoogste nogmaals een termijn van vier
jaar.
3. De werkwijze en samenstelling van de Monumentencommissie worden door
burgemeester en wethouders bij reglement nader geregeld.