1. Met het oog op wijzigingen op of aan een monument dat nog niet
geplaatst is op de gemeentelijke monumentenlijst, danwel om aantasting
van een dergelijk monument te voorkomen, zijn de artikelen 10, 11, 12,
13 en 14 van deze verordening van overeenkomstige toepassing vanaf het
moment van verzending van de mededeling met betrekking tot het voornemen
tot aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument aan de eigenaar.
2. Indien burgemeester en wethouders binnen een jaar nadat het voornemen
is kenbaar gemaakt geen beslissing omtrent aanwijzing tot beschermd
gemeentelijk monument hebben genomen zijn de in het eerste lid genoemde
artikelen niet meer van toepassing.