Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 9

De aanvraag tot subsidieverlening

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Arnhem 2002

1.Voor zover door burgemeester en wethouders niet anders is bepaald, dient de aanvraag vóór 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, ingediend te worden. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten aanvragen die na 1 oktober zijn ingediend, niet te behandelen. De subsidieaanvraag dient in ieder geval vergezeld te gaan van een activiteitenplan en een begroting met toelichting. Bij een eerste subsidie aanvraag legt de instelling tevens over: een afschrift van de oprichtingsakte van de instelling dan wel van de statuten van de instelling zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd; een beschrijving van de organisatievorm van de instelling; een opgave van de bestuurssamenstelling; de laatst opgemaakte jaarrekening als bedoeld in artikel 361 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel de balans en de staat van baten en lasten en de toelichting daarop of, indien deze bescheiden ontbreken, een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvraag. Burgemeester en wethouders kunnen overlegging eisen van andere bescheiden dan bedoeld in bovenstaande leden, dan wel nadere informatie verlangen, indien zij dit noodzakelijk achten voor een goede beoordeling van de subsidieaanvraag. Burgemeester en wethouders kunnen voorschrijven dat een schriftelijke verklaring wordt overgelegd van een accountant als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek omtrent de getrouwheid van de in lid 3 sub d. bedoelde bescheiden dan wel een mededeling dat van onjuistheden niet is gebleken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel