Voor zover het totaal van de toe te kennen subsidies het subsidieplafond voor de amateuristische kunstbeoefening overschrijdt, gelden de volgende verdeelregels:
aanvragers die in het voorgaande jaar een subsidie voor amateuristische kunstbeoefening ontvingen, hebben voorrang boven nieuwe aanvragers;
voor zover het subsidieplafond ook overschreden wordt door het totaal van het toe te kennen bedrag dat is aangevraagd door verenigingen die het voorgaande jaar ook een subsidie ontvingen, wordt het beschikbare bedrag naar evenredigheid verdeeld, op basis van het recht op subsidie op grond van de (deel)verordening, onder de aanvragers die in het voorgaande jaar een subsidie voor amateuristische kunstbeoefening ontvingen.