**1..** In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet:
Wet op de huurtoeslag
rechthebbende:
de persoon, die als huurder van een zelfstandige woning:
23 jaar of ouder is en;
een huurtoeslag en/of een woonkostentoeslag voor huurders ontvangt en;
als rechthebbende met alle eventuele medebewoners ingeschreven staat in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA) van de gemeente op het adres, waarvoor subsidie aangevraagd of ontvangen wordt.
inkomen:
het voor de huurtoeslag van toepassing zijnde rekeninkomen tot een voor het Woonlastenfonds bepaalde maximale hoogte.
vermogen:
het vermogen zoals is vastgelegd in paragraaf 3.4 van de Wet werk en bijstand tot een voor het Woonlastenfonds bepaalde maximale hoogte.
rekenhuur:
de huur voor een zelfstandige woning samen met het deel van de kosten, zoals genoemd in artikel 5 van de wet, welk voor huurtoeslag in aanmerking komt.
basishuur:
het gedeelte van de rekenhuur dat voor rekening van de huurder blijft.
**2..** De begripsbepaling in deze verordening van een:
eenpersoonshuishouden;
meerpersoonshuishouden;
eenpersoonsouderenhuishouden;
meerpersoonsouderenhuishouden;
is gelijk aan die in artikel 2 van de wet.