**1..** Aan de ambtenaar, die wordt ontslagen op grond van de artikelen 8:2, 8:3, 8:4 - voor zover het niet mogelijk is gebleken de ambtenaar andere arbeid op te dragen - 8:11 CAR en vanwege volledige gebruikmaking van het KeuzePensioen op grond van de vigerende pensioenregeling, wordt een uitkering toegekend ten bedrage van de bezoldiging over één maand. Onder bezoldiging wordt hier verstaan de bezoldiging als bedoeld in artikel 3:1:1 UWO, vermeerderd met de vakantietoelage, berekend op de voet van artikel 6:3 CAR en het voor de maand van uitbetaling van de uitkering geldende percentage van de eindejaarsuitkering, als bedoeld in artikel 3:6 CAR.
**2..** Aan de ambtenaar, die wordt ontslagen op voet van het bepaalde in artikel 8:3 CAR wordt geen ontslaguitkering als bedoeld in lid 1 toegekend, indien bij c.q. als gevolg van de reorganisatie een nieuwe c.q. bestaand, privaat- of publiekrechtelijke rechtspersoon in het leven wordt geroepen waarbij de betrokken ambtenaar met ingang van de datum van het ontslag in dienst kan treden.