Naar hoofdinhoud
1.. De voorzitter(s) en de leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar. 2.. Eenmalige herbenoeming is mogelijk. 3.. Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van het bepaalde in lid 1 en 2 en herbenoeming nog maximaal voor een periode toestaan. 4.. De voorzitter(s) en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. 5.. De aftredende voorzitter(s) en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. 6.. De voorzitter(s) en de leden van de commissie (en hun plaatsvervangers) treden voorts af met ingang van de eerste van de maand volgend op de maand waarin de 70-jarige leeftijd wordt bereikt. 7.. De voorzitter of een lid van de commissie (of hun plaatsvervangers) worden door het college ontslagen: op eigen verzoek; wanneer hij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt is om zijn functie te vervullen; bij de aanvaarding van een betrekking waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op een goede vervulling van zijn ambt of op de handhaving van zijn onpartijdigheid en onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin; wanneer hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel hem bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; wanneer hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schuld is gegijzeld; indien hij naar het oordeel van het bestuursorgaan ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen. 8.. Het college stelt de voorzitter of een lid van de commissie (of hun plaatsvervangers) op non-activiteit indien hij: zich in voorlopige hechtenis bevindt; bij een nog niet onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel hem bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, hij surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld ingevolge een nog niet onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak.

Rechtspraak bij dit artikel