Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Belastingplicht

Onderdeel van Verordening reinigingsheffingen Peel en Maas 2013

1. De belasting wordt geheven van: a. degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. b. degene op wiens aanvraag afval wordt opgehaald; c. degene die herbruikbare afvalstoffen achterlaat op één daartoe van gemeentewege ter beschikking gestelde plaats. 2. Voor de toepassing van het eerste lid, sub a, wordt: a. gebruik maken van een perceel door de leden van een huishouden aangemerktals gebruik maken door het door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen lid van dat huishouden; b.. gebruikmaken door degene aan wie een deel van een perceel in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruikmaken door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, met dien verstande dat degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; c. het ter beschikking stellen van een perceel voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruikmaken door degene die dat perceel ter beschikking heeft gesteld, met dien verstande dat degene die het perceel ter beschikking heeft gesteld, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie het perceel ter beschikking is gesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel