Het college verstrekt slechts een financiële tegemoetkoming of een verstrekking in natura voor de aanpassing van een woonwagen indien:
de woonwagen ten tijde van de indiening van de aanvraag nog een technische levensduur heeft van minimaal vijf jaar;
de standplaats ten tijde van de indiening van de aanvraag niet binnen vijf jaar voor opheffing in aanmerking komt;
de woonwagen bij de gemeente op de standplaats stond ten tijde van de indiening van de aanvraag voor een woonvoorziening; en
de hoofdbewoner van de woonwagen in het bezit is van een bewoningsvergunning als bedoeld in de Huisvestingswet.
Artikel 37 Woonschip
Het college verstrekt slechts een financiële tegemoetkoming of een verstrekking in natura voor de aanpassingskosten van een woonschip indien:
het woonschip ten tijde van de indiening van de aanvraag nog een technische levensduur heeft van nog minimaal vijf jaar; en
het woonschip ten tijde van de indiening van de aanvraag nog minimaal vijf jaar op de ligplaats mag blijven liggen.
Artikel 38 Woningsanering
Het college verstrekt eenmalig een financiële tegemoetkoming ter realisatie van een woningsanering, indien:
de noodzaak hiertoe, in verband met een allergie voor huisstof of huisstofmijt, is vastgesteld en er bij de aanschaf van de huidige vloer- en raambedekking geen sprake was van een (verwachte) noodzaak tot woningsanering;
de huidige woning niet eerder door de aanvrager op grond van de Wet of andere wet- en regelgeving gesaneerd is;
de woningsanering is aangevraagd binnen één jaar nadat voor de eerste maal een allergie voor huisstof of huisstofmijt is vastgesteld;
er sprake is van een acute noodzaak tot verstrekking van de voorziening, met een daarbij horende afschrijvingstermijn van zeven jaar.
De raad legt de hoogte van de financiële tegemoetkoming vast in het Besluit.
Artikel 39 Kosten van keuring en van onderhoud/reparatie en verzekering
De in artikel 27 onder e. genoemde voorziening wordt alleen toegekend voor voorzieningen die verstrekt zijn in eigendom of in de vorm van een PGB. De omvang van de voorziening als bedoeld in artikel 27 onder e. is opgenomen in het Besluit.
Bij voorzieningen die door de Gemeente Alphen aan den Rijn in bruikleen zijn verstrekt komen de kosten als bedoeld onder artikel 27 onder e. voor rekening van de Gemeente Alphen aan den Rijn.
Artikel 40 Kosten van tijdelijke huisvesting
Het college kan een financiële tegemoetkoming verstrekken om de kosten van tijdelijke huisvesting die door de persoon met beperkingen moeten worden gemaakt in verband met het aanpassen van zijn huidige woonruimte of van de door hem nog te betrekken woonruimte. De financiële tegemoetkoming wordt verstrekt uitsluitend voor een periode van maximaal zes maanden dat de woonruimte ten gevolge van het verrichten van de woningaanpassing niet bewoond kan worden en de persoon met beperkingen voor dubbele woonlasten komt te staan.
Het college verstrekt slechts een financiële tegemoetkoming in de kosten van tijdelijke huisvesting als de persoon met beperkingen redelijkerwijs niet kan voorkomen dat hij deze dubbele woonlasten heeft.
Het college verstrekt uitsluitend een financiële tegemoetkoming in de kosten van tijdelijke huisvesting, indien deze kosten worden gemaakt in verband met het:
tijdelijk betrekken van een zelfstandige woonruimte;
tijdelijk betrekken van een niet-zelfstandige woonruimte;
langer moeten aanhouden van de te verlaten woonruimte.
Artikel 41 Kosten in verband met huurderving
In geval van huurbeëindiging van een aangepaste woonruimte door een persoon met beperkingen, kan het college een financiële tegemoetkoming verstrekken aan de eigenaar van de woning in verband met de derving van huurinkomsten als de aangebrachte aanpassingen de verhuur in de weg staan.
De termijn gedurende welke een financiële tegemoetkoming voor de kosten van huurderving als bedoeld in het eerste lid wordt verstrekt, bedraagt ten hoogste zes maanden, waarbij de eerste maand huurderving niet voor een financiële tegemoetkoming in aanmerking komt.
Artikel 42 Verwijderen van woningaanpassingen
Het college kan een financiële tegemoetkoming verstrekken voor de kosten van verwijdering van een woningaanpassing waarvoor een overheidsbijdrage is verstrekt, als de woonruimte in de huidige staat niet opnieuw verhuurbaar is.
Artikel 43 Aanvang werkzaamheden en bezichtiging in de woning
Het college verstrekt slechts een woningaanpassing, indien:
met de werkzaamheden waarop de voorziening betrekking heeft, geen aanvang is genomen voordat het college een positief besluit heeft genomen op de aanvraag;
door het college aangewezen personen op één of meer door hen te bepalen tijdstippen toegang is geboden tot dat gedeelte van de woonruimte waar de woonruimteaanpassing wordt verricht;
deze personen inzage wordt gegeven in de bescheiden en tekeningen welke betrekking hebben op de woonruimteaanpassing en de gelegenheid is geboden tot het controleren van de woonruimteaanpassing.
Het college kan van het bepaalde in het eerste lid onder a afwijken, indien bijzondere spoedeisende omstandigheden daartoe aanleiding geven.
Artikel 44 Gereedmelding
De werkzaamheden dienen uiterlijk binnen twee jaren na het toekennen van de financiële tegemoetkoming te zijn voltooid. Uiterlijk binnen acht weken na de voltooiing van de werkzaamheden verklaart degene aan wie de financiële tegemoetkoming wordt uitbetaald schriftelijk aan het college, dat de bedoelde werkzaamheden zijn voltooid.
De gereedmelding is tevens een verzoek om vaststelling en uitbetaling van de financiële tegemoetkoming.
De gereedmelding, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een verklaring dat bij het treffen van de voorzieningen is voldaan aan de voorwaarden waaronder de financiële tegemoetkoming is toegekend.
Degene aan wie de financiële tegemoetkoming wordt uitbetaald, dient gedurende een periode van twee jaren alle rekeningen en betalingswijzen met betrekking tot de werkzaamheden voor controle beschikbaar te houden.
Artikel 45 Anti-speculatiebeding
De eigenaar-bewoner, die krachtens deze of een volgende verordening een financiële tegemoetkoming ontvangt in de kosten van het treffen van een woonvoorziening van bouwtechnische aard welke een waardevermeerdering van de woning tot gevolg heeft, en die binnen een periode van zeven jaar na de datum van gereedmelding van de werkzaamheden de woning verkoopt, is gehouden om binnen één week na het passeren van de akte het college hiervan schriftelijk op de hoogte te stellen. De raad stelt in het Besluit nadere regels omtrent de terugbetaling.
HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 2
Artikel 36