In een limitatief aantal in de Abw omschreven situaties kan bijstand worden verleend in de vorm van een geldlening. De bijstand die in een vorm van een geldlening wordt verleend, moet in beginsel worden terug-betaald.
Het verlenen van bijstand in de vorm van een geldlening is alleen mogelijk in de gevallen waarin de wet dat toelaat. Staat de Abw bijstand in de vorm van een geldlening niet toe dan moet de bijstand om niet worden verstrekt (artikel 19 Abw). Verder geldt dat er pas kan worden overgegaan tot bijstandverlening wanneer er geen beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening. Van belang hierbij is dat ook kredietver-lening door de normale kredietverlenende instanties als een voorliggende voorziening moet worden aan-gemerkt.
Echter in de praktijk blijkt dat cliënten geen lening krijgen bij een bank omdat de bank deze groep in de regel niet kredietwaardig acht. Om deze reden verstrekt de afdeling Sociale Zaken zelf bijstand in de vorm van een geldlening (verder Leenbijstand genoemd).
In de volgende situaties is thans en was bijstand in de vorm van een geldlening mogelijk:
wanneer bijzondere bijstand wordt verstrekt voor de kosten van noodzakelijke duurzame gebruiks-goederen (artikel 21 Abw);
wanneer bijstand wordt verstrekt in een situatie waarin redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de betrokkene op korte termijn over de betreffende periode zelf in de noodzakelijke kosten van het bestaan kan voorzien (artikel 24 onder a Abw);
wanneer de noodzaak tot bijstandverlening het gevolg is van een tekortschietend besef van verant-woordelijkheid voor de voorziening in het bestaan (artikel 24 onder b Abw);
wWanneer het de betaling van een waarborgsom betreft (artikel 24 onder c Abw);
wanneer het bijstand ter gedeeltelijke of volledige aflossing van een schuldenlast betreft (artikel 24 onder d Abw).
Artikel 2.
Bijstand in de vorm van een geldlening
Onderdeel van Kwijtscheldingsbeleid leenbijstand gemeente Barendrecht