Indien een woningaanpassing en/of een woonvoorziening van niet- bouwkundige of niet-woontechnische aard even adequaat is als een verhuizing naar een andere woning, dan kan het college besluiten dat de persoon met beperkingen de financiële tegemoetkoming voor de verhuis- en inrichtingskosten ook mag aanwenden ten behoeve van de woningaanpassing en/of een woonvoorziening van niet- bouwkundige of niet-woontechnische aard. Wel moet de persoon met beperkingen dan bereid zijn het verschil in kosten zelf bij te betalen en het door het college vastgestelde programma van eisen uit te voeren.
Artikel 34