Naar hoofdinhoud

Artikel 48

Opheffing geheimhouding

Onderdeel van Reglement van Orde 2012

In de aangehaalde artikelen wordt aan de raad de mogelijkheid geboden de geheimhouding van stukken op te heffen. Deze stukken hoeven niet per se alleen aan de raadsleden in de vergaderingen Debat en Besluitvorming te zijn overgelegd. Het kan ook gaan om de situatie dat de burgemeester geheimhouding heeft opgelegd op stukken die hij aan de (voormalige) raadscommissie of de vergaderingen Informatiebijeenkomst of Ronde Tafel heeft overgelegd. Deze kunnen dan aan de raad verzoeken de geheimhouding op te heffen. In het artikel is een overlegverplichting opgenomen waardoor recht wordt gedaan aan het principe van hoor en wederhoor tussen de raad en degene die de geheimhouding heeft opgelegd. De opgelegde geheimhouding voor aan de raad overgelegde stukken vervalt, als de raad de oplegging niet in zijn eerstvolgende vergadering die volgens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is bezocht, wordt bekrachtigd. Als de raad niet van plan is de opgelegde geheimhouding te bekrachtigen, kan het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd, in een besloten vergadering met de raad overleg voeren over de vraag waarom de raad de geheimhouding wil opheffen.

Rechtspraak bij dit artikel