Ingeval van ondermandaat aan medewerkers wordt bij afwezigheid of verhindering van de gemandateerde de aan hem/haar gemandateerde bevoegdheden uitgeoefend door degene die het ondermandaat aan hem/haar verstrekt heeft, tenzij anders aangegeven.
Bij afwezigheid of verhindering van een afdelingshoofd worden de aan hem/haar gemandateerde bevoegdheden, welke niet verder zijn ondergemandateerd, uitgeoefend door de onder hem/haar ressorterende coördinator of unithoofd, voor zover het gaat om aangelegenheden van de unit waar de coördinator resp. het unithoofd de verantwoordelijkheid over draagt. Bij afdelingen zonder coördinator of unithoofd wordt deze bevoegdheid uitgeoefend door de daartoe door het afdelingshoofd aangewezen (senior) beleidsmedewerker.
Indien de plaatsvervanger als bedoeld in lid 2 evenmin aanwezig is of verhinderd is, wordt de bevoegdheid als bedoeld in lid 2 uitgeoefend door:
a.een andere coördinator of unithoofd of (senior) beleidsmedewerker van de betreffende afdeling, indien sprake is van routinematige zaken
b. de gemeentesecretaris/algemeen directeur, dan wel zijn plaatsvervanger, in andere gevallen.
Paragraaf II
Artikel 4
plaatsvervanging
Onderdeel van Regels met betrekking tot de verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan ambtenaren van de gemeente Houten