De subsidie bestaat uit een bijdrage voor de kwaliteitsfactor van het
sporttechnisch kader.
De sportopleidingen waaraan de in het eerste lid bedoelde
kwaliteitsfactor wordt toegekend, bestaan uit de opleidingen
genoemd in de meest recente door het Ministerie van VWS en
NOC*NSF uitgegeven brochure ‘Erkende Sportopleidingen in
Nederland’.
De in het eerste lid, onder a, bedoelde kwaliteitsfactor
bedraagt:
1 voor kader in het bezit van een bevoegdheid waarvan de
opleiding minimaal 9 en maximaal 75 uren heeft bedragen;
2 voor kader in het bezit van een bevoegdheid waarvan de
opleiding minimaal 76 en maximaal 200 uren heeft
bedragen;
3 voor kader in het bezit van een bevoegdheid waarvan de
opleiding meer dan 200 uren heeft bedragen.
Het subsidiebedrag dat per trainer(ster)/leider(ster)
beschikbaar wordt gesteld, stellen burgemeester en wethouders
vast in een beleidsregel.
Een sportvereniging die niet is aangesloten bij een regionale of
landelijke door het NOC*NSF erkende sportbond ontvangt 50% van
het subsidiebedrag waar op grond van het derde lid aanspraak op
zou bestaan wanneer zij wel bij een dergelijke sportbond
aangesloten zou zijn.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1
Artikel 3.4
Hoogte van de subsidie
Onderdeel van Deelverordening Samenleving