Het voornemen van het college om een (urnen)graf of nis te
ruimen wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het
tijdstip waarop het (urnen)graf/nis geruimd zal worden
schriftelijk door het college aan de rechthebbende
bekendgemaakt. Wanneer het adres van de rechthebbende onbekend
is, zal door middel van een bij het te ruimen (urnen)graf/nis te
plaatsen bordje en een mededeling op het infobord op de
begraafplaatsen, het voornemen tot ruiming bekend worden
gemaakt. De rechthebbende kan binnen dat jaar een verzoek
indienen om de termijn voor het recht op het particuliere
(urnen)graf of particuliere urnennis te verlengen.
De bij de ruiming van het (urnen)graf/nis nog aanwezige
overblijfselen van lijken worden begraven of de as wordt
verstrooid op een daartoe bestemd gedeelte van de
begraafplaats(en).
Belanghebbenden van een overledene die begraven is in een
algemene grafruimte kunnen gedurende de in het eerste lid
bedoelde termijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij
ruiming de overblijfselen, als mogelijk, bijeen te brengen voor
herbegraving elders. Belanghebbenden van een overledene waarvan
een asbus al of niet met een urn is bijgezet in een algemeen
graf kunnen bij de beheerder een aanvraag indienen om deze ter
beschikking te houden voor herbegraving of verstrooiing
elders.
De rechthebbende van een particulier graf, kan bij het college
een aanvraag indienen om de overblijfselen, voor eigen kosten,
te laten verzamelen om deze opnieuw dieper in hetzelfde graf te
laten plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te laten begraven.
De rechthebbende van een particulier urnengraf of urnennis kan
bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking
te houden om elders bij te zetten of om de as te laten
verstrooien.
Hoofdstuk 6
Artikel 24
Ruiming, bezorging van overblijfselen en as
Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen 2017