Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 8.

vrijstellingen

Onderdeel van Beleidsnota "woningsplitsing in de gemeente Oldebroek"

Burgemeester en wethouders zullen in principe vrijstelling verlenen in de onderstaande situaties indien wordt voldaan aan de onderstaande voorwaarden. 8.1 Het splitsen van woningen en boerderijen in de kern en in het buitengebied - waarbij het agrarische gebruik planologisch is beëindigd of waarvoor de planologische procedure tot beëindiging loopt - inclusief bouwtechnische verbouwing naar twee woningen Bij bestaande gevallen van dubbel bewoonde panden, zoals opgenomen bijlage 1 bij deze nota: de splitsing mag niet als gevolg hebben dat aangrenzende en/of nabije gelegen functies onevenredige afbreuk, hinder en/of beperkingen ondervinden; het pand mag niet eerder gesplitst zijn; de woningen dienen te voldoen aan hoofdstuk 2 van het Bouwbesluit. Bij overige verzoeken: de splitsing mag niet als gevolg hebben dat aangrenzende en/of nabije gelegen functies onevenredige afbreuk, hinder en/of beperkingen ondervinden; het pand mag niet eerder gesplitst zijn; de toename moet passen binnen het Gemeentelijk Kwalitatief Woonprogramma; beide woningen moeten na splitsing minimaal 75 m² gebruiksoppervlakte, conform de NEN 2580:1997, hebben en minimaal 3 verblijfsruimten in de zin van het Bouwbesluit bevatten; er mag geen strijdigheid ontstaan met relevante wetgeving op het gebied van water, milieu, luchtkwaliteit en externe veiligheid; er mag geen strijdigheid zijn met overige gemeentelijk, provinciaal en rijksbeleid; er moet een monumentenvergunning zijn verleend als de woning is aangemerkt als monument; de woningen moeten na splitsing voldoen aan het Bouwbesluit en de bouwverordening; de oppervlakte aan bijgebouwen moet, mits mogelijk, evenredig worden verdeeld en mag niet meer dan 50 m² per woning bedragen. Indien ten tijde van het indienen van het bouwplan er legaal meer oppervlakte aanwezig is, geldt het bestaande legale oppervlakte als maximum. 8.2 Het geheel of gedeeltelijk vernieuwen en/of uitbreiden van een gesplitste woning van deze mogelijkheid kan slechts gebruikt worden gemaakt indien aangetoond is dat toepassing is of wordt gegeven aan het gestelde onder punt 8.1 van deze notitie; het bouwplan mag niet als gevolg hebben dat aangrenzende en/of nabije gelegen functies onevenredige afbreuk, hinder en/of beperkingen ondervinden; er mag geen strijdigheid ontstaan met relevante wetgeving op het gebied van water, geluid, milieu, luchtkwaliteit en externe veiligheid; er mag geen strijdigheid zijn met overige gemeentelijk, provinciaal en rijksbeleid; de twee woningen en/of boerderijen blijven na geheel of gedeeltelijke vernieuwing en/of uitbreiding, de bestaande uitstraling hebben; de bestaande landschappelijk en/of karakteristieke waarde van de woningen blijft behouden; het pand is niet eerder gesplitst; het bouwplan moet stedenbouwkundig verantwoord zijn; er een monumentenvergunning is verleend als het een bouwplan betreft van een monument of als de het bouwplan betrekking heeft op een pand direct gelegen in de nabijheid van een monument er een positief advies van de monumentencommissie ligt; de uitbreiding mag niet als gevolg hebben dat de gesplitste woning na uitbreiding een grotere inhoud heeft dan 400 m³, indien bestaande inhoud groter is dan 400 m³ geldt de bestaande legale inhoud als maximum; de gesplitste woning moet na uitbreiding aan één zijde een minimale afstand van 3 meter tot de zijdelingse perceelsgrens hebben; 8.3 Het realiseren, gedeeltelijke of geheel vernieuwen van bijgebou-wen en bouwwerken bij gesplitste woningen van deze mogelijkheid kan slechts gebruikt worden gemaakt indien aangetoond is dat toepassing is of wordt gegeven aan het gestelde onder punt 8.1 van deze notitie; het bouwplan mag niet als gevolg hebben dat aangrenzende en/of nabije gelegen functies onevenredige hinder en/of beperkingen ondervinden; het bouwplan mag geen afbreuk doen aan aangrenzende en/of nabije gelegen functies; er mag geen strijdigheid ontstaan met relevante wetgeving op het gebied van water, milieu, luchtkwaliteit en externe veiligheid; er mag geen strijdigheid zijn met overige gemeentelijk, provinciaal en rijksbeleid; het bouwplan moet stedenbouwkundig verantwoord zijn; er een monumentenvergunning is verleend als het een bouwplan betreft van een monument of als de het bouwplan betrekking heeft op een pand direct gelegen in de nabijheid van een monument er een positief advies van de monumentencommissie ligt; de oppervlakte aan bijgebouwen en/of bouwwerken mag na realisatie niet meer dan 50 m² per woning bedragen. Indien ten tijde van het indienen van het bouwplan er legaal meer oppervlakte aanwezig is, geldt het bestaande legale oppervlakte als maximum; de goothoogte in de kom mag niet meer dan 3.50 meter en de nokhoogte niet meer dan 5,5 meter bedragen en in het buitengebied respectievelijk 3 meter en 6 meter.

Rechtspraak bij dit artikel