1. De precariobelasting wordt geheven van degene die een kraam, een verkoopwagen of een daarmee gelijk te stellen vervoermiddel heeft en daarbij grond inneemt voor uitstalling van te verkopen artikelen of eetwaren op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond of van degene voor wie zo'n voorwerp of zulke voorwerpen op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig is of zijn, anders dan op de week- of jaarmarkt.
2. In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt, als de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is verleend of diens rechtsopvolger aangemerkt als degene bedoeld in het eerste lid, tenzij blijkt dat hij niet het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft.
Artikel 3
Belastingplicht
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting voor standplaatsen 2019