1. Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in
artikel 14 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en
nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het
bezwaarschrift dient te beslissen.
2. Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van
12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is
voor achtereenvolgens het uitbrengenvan een advies en het nemen
van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing
te verdagen.
3. Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de
belanghebbenden een afschrift.