Voordat het college overgaat tot vorderen overlegt het
college met het bevoegd gezag.
In het overleg komt in ieder geval aan de orde:
voor welke activiteit of activiteiten gevorderd wordt;
of die activiteit of activiteiten zich verdragen met het
onderwijs aan de in het gebouw gevestigde school;
of maatregelen noodzakelijk zijn om te voorkomen dat het
onderwijs aan de in het gebouw gevestigde school hinder van
het medegebruik ondervindt;
wat naar oordeel van het college en het bevoegd gezag een
redelijke vergoeding voor het medegebruik is;
de datum waarop het medegebruik redelijkerwijs aanvang kan
nemen.
Binnen vier weken na het overleg deelt het college het
bevoegd gezag waarvan medegebruik gevorderd wordt
schriftelijk mede dat gevorderd wordt. Als het overleg heeft
geleid tot afspraken, worden ook deze opgenomen in de
schriftelijke mededeling. Als het overleg niet tot volledige
overeenstemming heeft geleid, dan bevat de mededeling de
beslissing van het college over de punten waarover geen
overeenstemming was bereikt.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2
Artikel 26
Overleg en mededeling
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs 2015