Naar hoofdinhoud

Titeldeel 5

Artikel 23

Drempelbedrag

Onderdeel van Verordening Leerlingenvervoer gemeente Hilvarenbeek 2012

1. Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, van wie het inkomen samen meer bedraagt dan euro 23.400,-, wordt slechts bekostiging verstrekt voorzover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 11 bepaalde afstand te boven gaan. 2. In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 11 bepaalde afstand, indien het inkomen van de ouders meer bedraagt dan euro 23.400,-. 3. De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond OV chipkaart voor de afstand redelijkerwijs zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het daadwerkelijk gebruik ervan. Bij het bepalen van de "geldende kosten" wordt rekening gehouden met de kortingen die voor leerling en begeleider binnen het systeem kunnen gelden.. 4. Het bedrag van euro 23.400,-, genoemd in het eerste en tweede lid, wordt met ingang van 1 januari 2008 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van euro 450,-. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van euro 23.400,-. 5. Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie als gevolg van Titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel