Onverminderd het bepaalde in artike1 30 kan de vrijwi11iger door het college worden geschorst:
wanneer hem het voornemen tot bestraffing met ongevraagd ontslag is te kennen gegeven of hem van de oplegging van deze straf mededeling is gedaan;
wanneer tegen hem volgens de ter zake geldende bepa1ingen van het Wetboek van Strafvordering een bevel tot inverzekeringstelling of voorlopige hechtenis wordt ten uitvoer gelegd;
wanneer tegen hem een strafrechtelijke vervolging wegens misdrijf wordt ingesteld;
in andere gevallen waarin schorsing wordt gevorderd door het belang van de dienst.
Het schorsingsbesluit bevat in ieder geval:
een aanduiding van het tijdstip waarop de schorsing ingaat;
een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de duur der schorsing.
Hoofdstuk VI
Artikel 35
Schorsing
Onderdeel van Rechtspositieregeling vrijwilligers bij de gemeentelijke brandweer