Aan het begin van elke openbare vergadering is er voor direct
belanghebbenden, die dit bij de voorzitter hebben gemeld,
gelegenheid om in het kort het woord te voeren over op de agenda
voorkomende zaken. Leden van de commissie kunnen desgewenst aan
de betrokkene vragen stellen. Er wordt niet gediscussieerd.
Door de zorg van de commissiegriffier worden belanghebbenden,
voor zover in redelijkheid mogelijk, van dit recht in kennis
gesteld.
Artikel 15
(spreekrecht belanghebbenden)
Onderdeel van Verordening tot regeling van de bevoegdheden, samenstelling en werkwijze van de vaste raadscommissies