Als een voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget wordt verstrekt stelt het college schriftelijk nadere voorwaarden.
De belanghebbende heeft niet de mogelijkheid om te kiezen voor een persoonsgebonden budget als hiertegen overwegende bezwaren bestaan. Het college legt in het Besluit en/of beleidsregels vast in welke situaties sprake is van overwegende bezwaren. Daarvan is in ieder geval sprake als zich één of meer van de volgende situaties voordoet:
de voorziening betreft een vervoerspas voor gebruik van het collectief vraagafhankelijk vervoer en dit voor belanghebbende een adequate voorziening is.
de voorziening een kilometerbudget voor de (rolstoel)taxi betreft.
de voorziening een herplaatsbare losse woonunit betreft.
er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat de belanghebbende zonder hulp niet in staat is tot een verantwoorde besteding van het persoonsgebonden budget en (professionele) hulp daarvoor niet beschikbaar is.
er sprake is van een voorziening voor huishoudelijke verzorging die naar verwachting niet langer dan drie maanden zal duren.
uit onderzoek is gebleken dat belanghebbende een eerder ontvangen persoonsgebonden budget niet in overeenstemming met het doel en/of bestemming heeft ingezet of niet heeft verantwoord.
de voorziening kortdurend en naar verwachting niet de gestelde gebruiksduur adequaat zal zijn.
Als een voorziening binnen de gestelde periode waarvoor het persoonsgebonden budget is verstrekt niet langer wordt gebruikt, dient het bedrag van het persoonsgebonden budget naar rato van de resterende periode te worden terugbetaald of de voorziening dient in eigendom aan de gemeente te worden overgedragen.
Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage wordt de belanghebbende hierover schriftelijk geïnformeerd.
Hoofdstuk 7.
Artikel 21.
Verstrekking als persoonsgebonden budget
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldebroek 2014