Het college informeert de raad door middel van twee tussentijdse
rapportages over de realisatie van de begroting van de gemeente over het
lopende boekjaar.
De tussentijdse rapportage geeft een uiteenzetting over de uitvoering en
gewenste bijstelling van het beleid en een overzicht met de bijgestelde
raming van:
de baten en lasten per programma uitgesplitst naar
taakvelden/product;
het overzicht van de overhead en de geraamde
vennootschapsbelasting;
de (beoogde) toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves per
programma;
en de post onvoorzien.
De inrichting van de tussentijdse rapportages sluit aan bij de indeling
van de programmabegroting.
In de tussentijdse rapportages worden afwijkingen op de ramingen, van de
baten en lasten, van taakvelden/producten en investeringskredieten per
programma toegelicht, waarbij de minimaal te rapporteren afwijking per
programma overeenkomt met de goedkeuringstoleranties die de raad
vaststelt in het controleprotocol.