Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Kapverbod

Onderdeel van Kapverordening

Het. is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag een houtopstand te vellen of te doen vellen anders dan bij wijze van dunning. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor houtopstanden, die op bosbouwkundige of bedrijfseconomische wijze worden geëxploiteerd, indien het betreft,: populieren en wilgen als wegbeplanting en éénrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, tenzij deze zijn geknot; fruitbomen, en windschermen om boomgaarden; fijnsparren of andere coniferen, niet ouder dan twaalf jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder, bestemde terreinen; kweekgoed houtopslag die deel van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en niet gelegen is binnen een bebouwde kom tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt en ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are, ofwel in geval van rijbeplanting, gerekend over het aantal rijen, niet meer bomen omvat dan 20,. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt verder niet voor: houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of krachtens een aanschrijving of last van het bevoegd gezag, zulks onverminderd het bepaalde in de artikelen 9 en 12 van deze verordening; het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het reguliere onderhoud.

Rechtspraak bij dit artikel