Als voorzitter zijn benoembaar de commissieleden genoemd in artikel 1, lid a.
Het college wijst na overleg met de commissie een van de leden genoemd in artikel 4, lid a. aan als voorzitter.
De voorzitter heeft als taak:
het leiden van de vergadering;
het handhaven van de orde;
het doen naleven van de wet of dit reglement;
het intem en extern vertegenwoordigen van de commissie.
Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt de voorzitter vervangen door een van.de door het presidium aangewezen plaatsvervangend voorzitter.