• - Alle begrippen die in deze verordening gebruikt worden en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet Werk en Bijstand (WWB) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
  • - Deze verordening verstaat onder:
    • - de wet: de Wet Werk en Bijstand (Hierna WWB - wet van 9 oktober 2003,Stb. 2003, 375);
    • - IOAW: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijkarbeidsongeschikte werknemers;
    • - IOAZ: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
    • - uitkeringsgerechtigde:
    • - Anw-er:
    • - niet-uitkerings-gerechtigde (Nug-er):
    • - belanghebbende:
    • - werknemer:
    • - doelgroep:
    • - voorzieningen:
    • - het college:
    • - arbeidsovereenkomst:
    • - vrijwilligerswerk:
    • - werkstage: o. traject:

wettelijk minimumloon:

  • - algemeen geaccepteerde arbeid:

arbeidsongeschikte zelfstandigen;

degene die een periodieke uitkering voor levensonderhoud

ontvangt op grond van de WWB, de IOAW of de IOAZ;

persoon die een uitkering ingevolge de Algemene

nabestaandenwet ontvangt en die als werkloze werkzoekende

staat ingeschreven bij het Centrum Werk en Inkomen;

een persoon als bedoeld in artikel 6, sub a, van de wet, maar

ouder dan 18 jaar.

een persoon die behoort tot de doelgroep en die aanspraak maakt

op ondersteuning of aan wie ondersteuning wordt geboden;

belanghebbende die een dienstverband heeft met een werkgever

die daarvoor subsidie ontvangt op grond van deze verordening of

diegene met een arbeidsovereenkomst die op basis van deze

verordening is gecreëerd;

de personen aan wie op grond van artikel 7, lid 1, sub a, van de

wet door het college ondersteuning kan worden geboden;

voorzieningen bedoeld in artikel 7, lid 1 sub a, van de wet, een

instrument binnen een re-integratietraject dat ingezet wordt om

belemmeringen bij aanvaarding van algemeen geaccepteerde

arbeid weg te nemen;

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente

Barendrecht;

een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht waarbij de

werknemer gedetacheerd kan worden bij een instantie of bedrijf in

de collectieve of marktsector. Met een arbeidsovereenkomst wordt

gelijkgesteld een aanstelling op grond van het ambtenarenrecht;

het verrichten van onbetaalde maatschappelijk nuttige activiteiten

gericht op arbeidsinschakeling of zelfstandige maatschappelijke

participatie;

stage als bedoeld in artikel 11, van deze verordening;

een met de belanghebbende overeengekomen, dan wel door het

college aan hem opgelegd geheel van activiteiten gericht op het

verkrijgen van betaalde arbeid;

het wettelijk minimumloon dat van toepassing is op de

werknemer, exclusief werkgeverslasten, zoals omschreven in de

Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.

werk dat algemeen maatschappelijk aanvaard is en niet ingaat

tegen de integriteit, gezondheid en belastbaarheid van de persoon.