Van de wegsleepbevoegdheid wordt gebruik gemaakt indien een op een weg staand voertuig;
gevaar oplevert voor derden in het algemeen en de verkeersveiligheid in het bijzonder,
ernstige hinder veroorzaakt voor derden,
zich bevindt op een weg of weggedeelte als bedoeld in lid 5.
De gemandateerde beoordeelt of sprake is van gevaar of ernstige hinder als bedoeld in het vorige lid.
In elk geval is sprake van gevaar indien een voertuig onrechtmatig staat op een weg of weggedeelte dat exclusief is bestemd voor hulpdiensten zoals politic, brandweer en ambulance.
In elk geval is sprake van ernstige hinder indien:
de vrije doorgang op of toegang tot een weg volstrekt wordt belemmerd;
bushaltes, aangeduid met bord L3 van bijlage 1 van het RVV 1990, worden bezet op een tijdstip dat het openbaar vervoer daarvan feitelijk gebruik wenst to maken;
wegen of weggedeelten, die uitsluitend zijn bestemd voor voetgangers, worden geblokkeerd;
wegen of weggedeelten, die uitsluitend zijn bestemd voor fietsers en bromfietsers, worden geblokkeerd.
De wegsleepbevoegdheid wordt, onverminderd de bevoegdheid in de gevallen van gevaar en ernstige hinder, bovendien uitgeoefend ten behoeve van het vrijhouden van de volgende wegen of weggedeelten:
parkeerplaatsen voor invaliden, aangeduid met bord E6 van bijlage 1 van het RVV 1990;
voetgangersgebieden, aangeduid met bord Cl of G7 van bijlage 1 van het RVV 1990;
wegen of weggedeelten, waar een tijdelijk parkeer- en/of stopverbod van. kracht is, aangeduid met bord El en E2 van bijlage 1 van het RVV 1990, in verband met het bijzonder gebruik van de weg of het weggedeelte in verband met evenementen, zoals kermissen, markten of andere activiteiten.