Naar hoofdinhoud
1.. De rechthebbende op een eigen graf is verplicht toe te staan dat het zich daarop bevindende gedenkteken en/of de beplanting geheel of gedeeltelijk worden weggenomen of verplaatst en/of dat grond van een naastliggend graf wordt gedeponeerd, voor zolang dit ter begraving van stoffelijke overschotten in de nabijheid of om andere redenen nodig is; 2.. het gedenkteken en de beplanting zullen na het verstrijken van de graftermijn door het college worden verwijderd. In dat geval maken zij dat voornemen de rechthebbende uiterlijk 13 weken voor het genoemde tijdstip per brief bekend; 3.. het gedenkteken blijft na verwijdering nog gedurende 13 weken ter beschikking van degene aan wie een vergunning, als bedoeld in artikel 15, was verleend; 4.. het gedenkteken vervalt aan de gemeente indien het niet binnen 13 weken, nadat deze van het graf is verwijderd, is afgehaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel