Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 3

toewijzen vaste-standplaatsvergunning in bijzondere gevallen

Onderdeel van Marktreglement Leeuwarden

1.    Ingeval van overlijden van de vergunninghouder, of ingeval van overname van de bedrijfsactiviteit, kan de vaste standplaatsvergunning worden toegewezen aan de geregistreerde levenspartner of een andere partner met wie hij duurzaam samenwoonde. 2.    Als de vergunning niet kan worden toegewezen op grond van het eerste lid, kan een kind of een medewerk(st)er van de vergunninghouder de vergunning voor de vaste standplaats krijgen. Voorwaarde is dat hij/zij, gerekend direct voorafgaand aan het moment van het verzoek, tenminste een periode van twee jaar onafgebroken in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt op de standplaats óf gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar op de standplaats heeft gestaan. 3.    Een aanvraag tot een dergelijke toewijzing wordt ingediend binnen een maand na het overlijden van de vergunninghouder of een maand voorafgaand aan de overname van de bedrijfsactiviteit.

Rechtspraak bij dit artikel