**1..** De ouder kan een verzoek tot gebruik van een gemeentelijke kindplek
(regulier of voorschoolse educatie) aanvragen bij de houder.
**2..** De houder van de kinderopvang controleert of de ouder valt onder de
Wet (recht heeft op een kinderopvangtoeslag).
**3..** De houder van de kinderopvang dient bij het college de aanvraag in
voor een gemeentelijke kindplek, als de ouder niet in aanmerking
komt voor een kinderopvangtoeslag.
**4..** Het college verifieert de aanvraag en geeft aan de houder
goedkeuring tot plaatsing van het kind mits er sprake is van een
wederkerigheidsovereenkomst en indien de ouder geen recht heeft op
een kinderopvangtoeslag.
**5..** De periode van een kindplek duurt van plaatsing van het kind via een
gemeentelijke kindplek tot dat het kind naar de basisschool
gaat.
**6..** De ouder regelt in eerste instantie zelf een plek voor
wederkerigheid en een wederkerigheids-overeenkomst;
**7..** De gemeente of het kenniscentrum VVE biedt op verzoek van de ouder
ondersteuning bij het indienen van de aanvraag;
**8..** Het kenniscentrum VVE is belast met de uitvoering van het proces
betreffende de wederkerigheid en de monitoring.
HOOFDSTUK 2
Artikel 3
Kindplekken
Onderdeel van VERORDENING INKOOP KINDPLEKKEN EN KWALITEITSEISEN BIJ DE ONTWIKKELING NAAR INTEGRALE KINDCENTRA