1 In deze verordening wordt verstaan onder:
de warenmarkt die plaatsvindt op de krachtens artikel 1.2
vastgestelde dag, tijd en plaats; weekmarkt:
marktterrein: de gehele openbare of voor het publiek
toegankelijke oppervlakte grond, die krachtens artikel 1.2 is
aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;
standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt op het
marktterein is aangewezen voor het uitoefenen van de
markthandel;
vaste plaats: de standplaats die op een markt voor onbepaalde
tijd ter beschikking wordt gesteld aan de vergunninghouder;
dagplaats: de standplaats die per marktdag beschikbaar wordt
gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste
plaats is toegewezen dan wel ingenomen;
vergunninghouder: degene aan wie door het college van
burgemeester en wethouders vergunning is verleend voor het
innemen van een standplaats;
wachtlijst: de lijst van gegadigden voor een vaste plaats;
marktmeester: de persoon, die als zodanig is aangewezen door het
college van burgemeester en wethouders;
branche-indeling: de indeling in artikelengroepen en het aantal
vastgestelde vaste plaatsen per artikelengroep;
het college: het college van burgemeester en wethouders;
levenspartner: de persoon met wie de vergunninghouder met het
oogmerk duurzaam samen te wonen een gemeenschappelijke
huishouding voert, hetgeen blijkt uit een schriftelijke
verklaring ingericht volgens door het college te stellen regels;
HOOFDSTUK 1
Artikel 1.1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de weekmarkten voor de gemeente Bergen 2002