1. Indien belanghebbende niet betaalt en niet bereid is tot het treffen van een minnelijke regeling of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet nakomt wordt hij aangemaand om binnen 2 weken te betalen.
2. Indien belanghebbende na te zijn aangemaand, niet bereid is tot het treffen van een minnelijke regeling of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet meer nakomt, wordt het terugvorderingsbesluit ten uitvoer gelegd door middel van:
a. verrekening met de periodiek verleende verstrekking op grond van artikel 4:93 Awb, of bij het ontbreken van deze mogelijkheid
b. een executoriaal beslag overeenkomstig de artikelen 479b tot en met 479g, behoudens artikel 479e lid 2 Rv; of
c. een executoriaal of conservatoir beslag op roerende of onroerende goederen, overeenkomstig het Tweede boek Rv.
3. Indien het college de vordering ter executie overdraagt aan een derde die beroepsmatig belast is met de invordering, dan worden de door de derde gemaakte kosten volledig doorberekend aan belanghebbende.
4. Indien moet worden overgegaan tot beslaglegging wordt de vordering verhoogd met de wettelijke rente.
Hoofdstuk II. › Afdeling 3.
Artikel 18.
Aanmaning, verrekening, beslag en rente bij niet tijdige betaling
Onderdeel van Beleidsregels Terugvordering en verhaal SZW 2012