1. Het college is bevoegd om in individuele situaties af te zien van invordering wanneer de (restant)vordering minder bedraagt dan € 150,00 en het treffen van invorderingsmaatregelen, naar het oordeel van het college, niet (langer) doelmatig is.
2. Bij (restant)vorderingen van € 150,00 tot € 5000,00 kan het college ook omwille van doelmatigheidsredenen besluiten van invordering af te zien indien incasso van de vordering gedurende vijf jaren onmogelijk is gebleken en ook niet aannemelijk is dat belanghebbende op enig moment betalingen zal gaan verrichten.
3. Indien de (restant)vordering het gevolg is van niet, niet tijdig of niet volledig voldoen aan de inlichtingenplicht en € 5.000,00 of meer bedraagt, kan de (restant)vordering slechts dan worden afgeboekt indien incasso van de vordering gedurende 10 jaar onmogelijk is gebleken en het niet aannemelijk is dat belanghebbende op enig moment betalingen zal gaan verrichten.
Hoofdstuk II › Afdeling 3
Artikel 20
Afzien van (verdere) invordering
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering en verhaal 2009