Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Bevoegdheid college

Onderdeel van Verordening starterslening gemeente Overbetuwe 2016

Het college is bevoegd, met inachtneming van het bepaalde in deze verordening, een Starterslening toe te kennen. Het college stelt de hoogte van de Starterslening vast, met dien verstande dat de hoogte van de Starterslening maximaal 20% bedraagt van de verwervingskosten. De totale verwervingskosten kunnen niet meer bedragen dan het maximale bedrag volgens de, op het moment van offreren van de Starterslening, geldende actuele NHG normen. De maximale hoogte van de starterslening bedraagt € 30.000,-. Voor het toekennen van een starterslening geldt een drempelbedrag van € 10.000,-. De Starterslening kan niet worden verstrekt indien Koopsubsidie BEW+ een ander koopinstrument, (rente)kortings- of financiële regeling is toegekend. Het college wijst, zo nodig op advies van SVn, een aanvraag Starterslening af, in geval er sprake is van stapeling met andere koopinstrumenten, (rente)kortings- of financiële regelingen, die strijdig zijn met de Starterslening en/of de belangen aantasten van aanvrager, NHG of eerste geldverstrekker. Zowel de eerste hypotheek als de Starterslening moeten worden verstrekt met NHG. Het college kan aan de toekenning van Startersleningen nadere voorschriften verbinden. Het college is bevoegd de bedragen, genoemd in het derde en vierde lid, aan te passen.

Rechtspraak bij dit artikel