Naar hoofdinhoud
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de rekenkamercommissie gemeente Overbetuwe 2008. Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 27 mei 2008 DE RAAD VOORNOEMD, de plv. griffier, de voorzitter, M.C.P. van Dal E. Tuijnman. Toelichting Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 Begripsomschrijvingen Dit artikel bevat enkele definities om te voorkomen dat bepaalde begrippen telkens in hun geheel moeten worden uitgeschreven. Er is voor gekozen om de begrippen doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid (die in artikel 182 Gemeentewet zijn genoemd) niet in dit artikel op te nemen. Hiermee wordt voorkomen dat in de verordening een eigen definitie wordt gehanteerd. Wel wordt in deze toelichting uiteengezet wat onder deze termen wordt verstaan. Doelmatigheid is de mate waarin de nagestreefde beleidsdoelen tegen zo gering mogelijke kosten worden bereikt. Bij doeltreffendheid gaat het er om of het resultaat van het beleid beantwoordt aan wat er met het beleid werd beoogd en de gestelde beleidsdoelen worden verwezenlijkt. Bij rechtmatigheid gaat het om het voldoen aan de wettelijke kaders en regelgeving. Het gaat dan vooral om wet- en regelgeving die direct van belang is voor de rechtmatigheid van de totstandkoming van de gemeentelijke baten en lasten. Artikel 2 Rekenkamercommissie Wanneer geen rekenkamer wordt ingesteld, worden op grond van artikel 81oa Gemeentewet regels vastgesteld voor de uitoefening van de rekenkamerfunctie. De wet spreekt van een rekenkamerfunctie. In deze verordening is gekozen voor een rekenkamercommissie met raadsleden en externe leden. De voorzitter wordt uit de externe leden gekozen. De raad bepaalt in de verordening dat de rekenkamercommissie 5 leden heeft. Artikel 3 Benoeming leden Van de rekenkamercommissie kunnen naast externen ook raadsleden en leden van andere raadscommissies deel uitmaken. Uit oogpunt van onafhankelijkheid is er voor gekozen dat ook niet-raadsleden kunnen deelnemen in de rekenkamercommissie. De externe leden worden voor een termijn van zes jaar aangewezen. Voor de overige leden van de rekenkamercommissie is de benoemingsduur gelijk aan de zitingsduur van de raad. De raad benoemt uit de externe leden de voorzitter van de rekenkamercommissie. De rekenkamercommissie wijst zelf één van de andere externe leden als plaatsvervangend voorzitter aan. Artikel 4 Eed De verplichting deze eed of verklaring en belofte af te leggen vloeit rechtstreeks voort uit artikel 81g Gemeentewet. Deze bepaling wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op de externe leden van de rekenkamercommissie. Artikel 5 Ontslag en non-actiefstelling Dit artikel handelt over het ontslag van de leden en over de mogelijkheid (of soms verplichting) hen op non-actief te stellen in bepaalde situaties. Artikel 6 Vergoeding voor werkzaamheden van de externe leden van de rekenkamercommisie In dit artikel is de vergoeding die externe leden voor hun werkzaamheden voor de rekenkamercommissie ontvangen, vastgelegd. Artikel 7 Ambtelijk secretaris De rekenkamercommissie wordt bijgestaan door een ambtelijk secretaris. De rekenkamercommissie dient zelfstandig te functioneren. In het derde lid is voorzien in een rechtstreekse verantwoordingsrelatie van de secretaris ten opzichte van de rekenkamercommissie. In het vierde lid is omschreven welke werkzaamheden de ambtelijk secretaris uitvoert; duidelijk is dat de ambtelijk secretaris geen onderzoek verricht. Artikel 8 Reglement van orde Artikel 81i Gemeentewet wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op de rekenkamercommissie. In het reglement van orde moeten/kunnen zaken als de volgorde van aftreden bij een meerhoofdige rekenkamercommissie, verhouding secretaris-voorzitter, de procedure die wordt gevolgd bij onderzoeken, hoe wordt omgegaan met verzoeken van derden om onderzoek te verrichten, enzovoorts geregeld. Artikel 9 Onderzoeksprogramma, verzoek om onderzoek De rekenkamercommissie moet onafhankelijk zijn en om deze onafhankelijkheid te bevorderen is het van belang dat zij zelfstandig de onderwerpen voor onderzoek kan kiezen. Jaarlijks stelt de rekenkamercommissie een onderzoeksprogramma vast, waarin de onderzoeksonderwerpen voor dat jaar zijn vastgelegd. Zo nodig informeert de rekenkamercommissie de raad tussentijds over de voortgang van het onderzoeksprogramma. De rekenkamercommissie kan op verzoek van de raad een onderzoek instellen. Zij is niet verplicht het verzoek van de raad in te willigen. Dit verzoek van de raad wordt in artikel 182, tweede lid, Gemeentewet expliciet genoemd, waarmee aan een dergelijk verzoek van de raad een bepaald gewicht wordt toegekend. Als de rekenkamercommissie niet voldoet aan een gemotiveerd verzoek van de raad zal zij daarvoor goede gronden moeten aanvoeren. Artikel 10 Werkwijze bij de uitvoering van een onderzoek Om te waarborgen dat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar onderzoek over voldoende en relevante gegevens kan beschikken, is voorzien in de bevoegdheid om inlichtingen in te winnen van alle leden van het gemeentebestuur en van alle ambtenaren. De rapporten van de rekenkamercommissie zijn in beginsel openbaar maar op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wob kunnen rapporten of gedeelten daarvan als geheim worden aangemerkt. Uit oogpunt van zorgvuldigheid is het van groot belang dat de onderzochte partij de kans krijgt om te reageren op het (nog niet gepubliceerde) ontwerp-onderzoeksrapport. Er vindt dan wederhoor plaats waarbij de feitelijke bevindingen die uit het onderzoek voortvloeien aan de betreffende ambtenaren worden voorgelegd met de vraag er eventuele onjuistheden uit te halen en te corrigeren. Indien van toepassing wordt de verantwoordelijke wethouder of het college de gelegenheid geboden om te reageren op de conceptaanbevelingen die de rekenkamercommissie verbindt aan de (gecorrigeerde) bevindingen. Tot slot brengt de rekenkamercommissie een definitief rapport naar buiten met bevindingen, conclusies en eventueel aanbevelingen. Artikel 11 Budget De rekenkamercommissie is zelfstandig verantwoordelijk voor de besteding van het budget dat noodzakelijk is voor de uitvoering van haar taak. Ten laste van het budget worden de in het tweede lid van dit artikel genoemde kosten gebracht. Artikel 12 Hardheidsclausule Deze bepaling maakt het mogelijk dat de raad een of meerdere artikelen van de verordening buiten toepassing kan laten of daarvan af kan wijken. In de regel wordt deze bepaling slechts toegepast in die gevallen die niet vooraf (precies) zijn voorzien bij de vaststelling van deze regeling. Voorts wordt de toepassing beperkt tot (eventuele) onbillijkheden van overwegende aard. Van dit artikel zal dan ook niet vaak en niet licht gebruik worden gemaakt. Artikel 13 Intrekking oude regeling Dit artikel bepaalt dat de tot deze verordening bestaande Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie wordt ingetrokken. Artikel 14 Inwerkingtreding Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 15 Citeertitel Dit artikel behoeft geen toelichting.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel