Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 17

Spreekrecht

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies gemeente Overbetuwe 2007

Voorafgaand aan de behandeling van een betreffend agendapunt kunnen aanwezige burgers het woord voeren over dat geagendeerde onderwerp. Het woord kan niet gevoerd worden: over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep op de rechter open staat of heeft opengestaan; over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; als een klacht op grond van artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend; onderwerpen die niet op de agenda staan. Degene, die van dit spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit uiterlijk op de dag voor de vergadering voor 16.00 uur aan de (commissie-)griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, als dit in het belang is van de orde van de vergadering. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er in totaal, over alle onderwerpen bij elkaar, meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel