Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 22

Onderhoud door rechthebbende

Onderdeel van Beheerverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Overbetuwe 2012

1. Het (doen) plaatsen, aanbrengen, herstellen, vernieuwen of verwijderen van de grafbedekking of beplanting geschiedt door, voor rekening van en voor risico van de rechthebbende. 2. De rechthebbende is verplicht de grafbedekking of beplanting behoorlijk te onderhouden of te herstellen. 3. Als de rechthebbende nalaat de grafbedekking of beplanting behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college deze verwijderen. Verwijderde grafbedekking blijft gedurende dertien weken ter beschikking van de rechthebbende en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is. 4. De verwijdering vindt niet plaats dan nadat: a. het college de rechthebbende schriftelijk op de hoogte heeft gesteld van de toestand van de grafbedekking of beplanting, én b. binnen een termijn van 13 weken, gerekend vanaf de dag van aanschrijving, geen herstel of vernieuwing van de grafbedekking of beplanting heeft plaatsgevonden. Wanneer het adres van de rechthebbende niet bekend is, maakt het college de verklaring bij de ingang van de begraafplaats op het mededelingenbord bekend. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht. 5. Het college kan de rechthebbende per aanschrijving verplichten een beschadiging aan de grafbedekking te herstellen binnen een door het college te stellen termijn als de beschadiging: a. zodanig is dat deze naar het oordeel van het college het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt, of b. gevaar oplevert voor derden. 6. Bij blijvende verwaarlozing gedurende een periode van vijf jaar kan het college met inachtneming van het bepaalde in Artikel 28, zesde lid van de wet het recht op het graf vervallen verklaren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel