Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 30

Overdracht / vergoeding restwaarde van de voorziening, bekostigd met persoonsgebonden budget, bij geen gebruik

Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Overbetuwe 2009

De persoon met beperkingen aan wie een persoonsgebonden budget is toegekend en die daarmee een voorziening in eigendom heeft verworven, moet, als hij of zij deze voorziening binnen de termijn waarvoor het persoonsgebonden budget is toegekend niet meer gebruikt: de voorziening om niet overdragen aan de gemeente; of de restwaarde op basis van de aanschafprijs van de voorziening aan de gemeente vergoeden, op basis van het navolgende schema: Periode Rolstoel-voorziening Vervoers-voorzieningen Roerende woon-voorzieningen Gedurende het eerste jaar na verstrekking 90% 90% 90% Gedurende het tweede jaar na verstrekking 75% 75% 75% Gedurende het derde jaar na verstrekking 60% 60% 60% Gedurende het vierde jaar na verstrekking 45% 45% 45% Gedurende het vijfde jaar na verstrekking 30% 30% 30% Gedurende het zesde jaar na verstrekking 15% 15% 15% Na zes jaar 0% 0% 0% 2. Het college kan van het in het eerste lid aangegeven afschrijvingsschema afwijken, als de belanghebbende aannemelijk maakt dat vanwege intensief gebruik een eerdere afschrijving noodzakelijk is.

Rechtspraak bij dit artikel