Deze verordening verstaat onder:
algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening (EG) nr.
651/2014 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 17 juni
2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 87
en 88 van het Verdrag met de gemeenschappelijke markt verenigbaar
worden verklaard („de algemene groepsvrijstellingsverordening”)
(PbEU L 187/69), dan wel later daarvoor in de plaats tredende
Europese regelgeving;
de-minimisverordening: verordening (EG) nr. 1407/2013 van de
Commissie van Europese Gemeenschappen van 18 december 2013 (PbEU
L352/3), verordening (EG) nr. 1408/2013 van de Commissie van de
Europese Gemeenschappen van 18 december 2013 betreffende de
toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende
de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de
landbouwsector (PbEU L 352/9) en verordening (EG) nr. 717/2014 van
de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 27 juni 2014
betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het
Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op
de-minimissteun in de visserij- en aquacultuursector (PbEU L
190/45), dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese
regelgeving;
egalisatiereserve: een reserve bedoeld om schommelingen in de
exploitatiekosten op te kunnen vangen.
Europees steunkader: een mededeling, richtsnoer, kaderregeling,
besluit of vrijstellingsverordening op het gebied van staatssteun
die de Europese Commissie of de Raad van de Europese Unie, gelet op
de artikelen 106, derde lid , 107, 108 en 109 van het Verdrag heeft
vastgesteld;
onderneming: iedere eenheid, ongeacht haar rechtsvorm of wijze van
financiering, die een economische activiteit uitoefent;
verdrag: Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie;
wet: de Algemene wet bestuursrecht.