Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling burgerlijke stand gemeente Overbetuwe 2013.
Aldus besloten in de vergadering van 23 april 2013.
Het college van burgemeester en wethouders,
de loco-gemeentesecretaris,
de burgemeester,
M.J.P. van Mil.
A.S.F. van Asseldonk.
Toelichting
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In dit artikel worden de basisbegrippen uit de regeling opgesomd en beschreven. Met name het onderscheid tussen de ambtenaar van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand wordt hier expliciet gemaakt (artikel 16, Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek).
Voor de ambtenaar van de burgerlijke stand gelden de volgende bepalingen:
de ambtenaar moet in dienst zijn van de gemeente of van een andere gemeente;
de ambtenaar is belast met het opnemen in onder hem berustende registers van de burgerlijke stand van akten en daaraan toe te voegen latere vermeldingen, alsmede al datgene wat de instandhoudig van de registers en de zorg voor de toegankelijkheid van de daarin neergelegde gegevens betreft (artikel 16d, eerste lid, Boek 1 BW).
Voor de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand gelden de volgende bepalingen:
de buitengewoon ambtenaar kan in dienst zijn van de gemeente of van een andere gemeente;
de buitengewoon ambtenaar kan een persoon zijn niet in dienst van de gemeente of van een andere gemeente;
de buitengewoon ambtenaar kan uitsluitend worden belast met de huwelijksvoltrekking (artikelen 59, 60, 63, 64, 65 en 67 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek).
Artikel 2 Benoeming
In dit artikel is vastgelegd voor welke periode een (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand kan worden benoemd (artikel 16, Boek 1, Burgerlijk Wetboek).
Met het eerste lid wordt bepaald dat een ambtenaar van de burgerlijke stand steeds voor een bepaalde periode dient te worden benoemd. Deze periode mag maximaal de periode zijn dat de betreffende ambtenaar in dienst is van de gemeente of van een andere gemeente. Tevens bestaat de mogelijkheid om een andere maximale benoemingsperiode op te nemen, zoals de tijd dat de ambtenaar in dienst is bij een bepaald team of een tijdsperiode.
De periodes worden per individueel geval in het benoemingsbesluit van het college bepaald.
Met het tweede lid wordt bepaald waar de (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand zijn werkzaamheden moet verrichten.
De werkzaamheden moeten in het gemeentehuis (of een daartoe door het college aangewezen andere lokatie) worden verricht. Indien daartoe gewichtige reden bestaan, mag de (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand zijn werkzaamheden ook elders binnen de gemeente verrichten (artikel 1 Besluit burgerlijke stand 1994 en artikel 64 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek).
Artikel 3 Leiding
In dit artikel wordt bepaald wie belast is met de leiding van het bureau burgerlijke stand (artikel 2 Besluit burgerlijke stand 1994).
Artikel 4 Openstelling
In dit artikel wordt bepaald wanneer het bureau van de burgerlijke stand is geopend (artikel 16c, Boek 1, Burgerlijk Wetboek).
In dit artikel moeten zowel de reguliere dagelijkse openingstijden worden bepaald als de openingstijden voor de zaterdag, de zondag, de algemeen erkende feestdagen en de overige daarvoor door het college aan te wijzen dagen waarop de gemeentelijke diensten niet of slechts gedeeltelijk zijn geopend. Daarbij kan er voor worden gekozen om het bureau op vaste dagdelen open te stellen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om het bureau van de burgerlijke stand op afspraak te laten bezoeken. Verder wordt nog de mogelijkheid geboden om op verzoek van een belanghebbende een huwelijksvoltrekking op andere dan de vastgestelde tijden te laten plaatsvinden. Het college zal daartoe dan een besluit moeten nemen.
Artikel 5 Intrekking oude regeling
Dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 6 Inwerkingtreding
Dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 7 Citeertitel
Dit artikel spreekt voor zich.