Een aanvraag om tussentijdse dan wel eenmalige subsidie dient
uiterlijk 12 weken, voordat met de (eenmalige) activiteit wordt
gestart, schriftelijk bij het college te worden ingediend.
Bij de indiening van een aanvraag dienen in ieder geval te
worden overgelegd:
een activiteitenplan;
een begroting, omvattende een overzicht van alle
geraamde inkomsten en uitgaven van de aanvrager,
voorzover deze betrekking hebben op de activiteiten
waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
de balans van het voorafgaande jaar met
toelichting.
Het college kan andere dan de in het vorige lid vermelde stukken
vragen teneinde de aanvraag om subsidie te kunnen
beoordelen.
Het college kan modellen, formulieren c.q. richtlijnen
vaststellen voor de stukken, zoals bedoeld in het tweede en
derde lid.
Bij een eerste subsidieaanvraag dient de aanvrager tevens over
te leggen:
afschrift van de oprichtingsakte dan wel van de
statuten, zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;
het correspondentieadres;
de namen van de bestuursleden en hun functie.
Indien een aanvraag niet tijdig is ingediend, kan het college
besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.
Een aanvraag om tussentijdse dan wel eenmalige subsidie,
afkomstig van een aanvrager aan wie al een budget- dan wel
exploitatiesubsidie voor het betreffende jaar is verstrekt,
wordt niet in behandeling genomen, tenzij de aanvraag om
subsidie op instigatie van het gemeentebestuur plaatsvindt.
Hoofdstuk 8
Artikel 36
Subsidieaanvraag
Onderdeel van Wijzigingsverordening rechtmatigheid gemeente Overbetuwe 2007