Het college neemt voor het tijdstip, als bedoeld in artikel 14, tweede lid, een beslissing op de aanvraag.
De aanvraag wordt toegewezen als en voor zover:
er voldoende middelen voor de vergoeding van de kosten van bouwvoorbereiding beschikbaar zijn;
de noodzaak van de gewenste voorziening voldoende vaststaat;
er een reële mogelijkheid is dat de voorziening in het gewenste jaar van uitvoering voor bekostiging in aanmerking kan worden gebracht.
Als de aanvraag wordt toegewezen, vermeldt de beschikking tot welk bedrag de kosten van bouwvoorbereiding worden vergoed. Het bedrag kan in termijnen aan de aanvrager beschikbaar worden gesteld, echter steeds op een zodanig tijdstip dat de aanvrager aan zijn financiële verplichtingen jegens derden die hij heeft ingeschakeld bij de bouwvoorbereiding, kan voldoen. De aanvrager en het college maken afspraken over de daadwerkelijke beschikbaarstelling van het bedrag.
Aan een toewijzing als bedoeld in het tweede lid kan de aanvrager geen rechten ontlenen voor de plaatsing van de voorziening op enig toekomstig programma.
Hoofdstuk 4
Artikel 31
Beschikking op aanvraag
Onderdeel van Verordening onderwijshuisvesting gemeente Overbetuwe 2010